Genealogie familie Van de(r) Tonnekreek
Voorna(a)m(en):  Familienaam: 
[Geavanceerd zoeken]  [Familienamen]

Aantekeningen


Treffers 101 t/m 150 van 1,075

      «Vorige 1 2 3 4 5 6 7 ... 22» Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
101 Arij is aangehouden voor bedelarij en op last van de rechter commissaris voorlopig aangehouden in het Huis van Bewaring.
Twee dagen later (24 jun) wordt hij overgebracht naar reg 2 no 723. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
102 Arij is aangehouden voor bedelarij en wordt op bevel van de rechter commissaris voorlopig aangehouden in het Huis van Bewaring.
Op 13 september wordt hij overgebracht naar register 2N844. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
103 Arij is arbeider. maar zonder vaste woonplaats.
Hij wordt op 10 november voor 5 dagen ingesloten na een veroordeling op 6 november 1890. (ingeschreven en overgenomen van register C no 2149).
Er staat, dat hij «b»1 maal«/b» eerder in een RWI een straf heeft ondergaan. Dat is onjuist. Vreemd, dat men dat niet beter heeft gecontroleerd. blijkbaar heeft men dat gewoon opgenomen van hetgeen Arij heeft gezegd. En die weet wel beter.
Hij is op 15 november, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen en overgedragen aan zijn 'geleider' dhr. Schollaardt, die hem zal begeleiden naar «u»Veenhuizen«/u».

Zijn kenmerken zijn als volgt:
Hij is nu 1,70, heeft blond haar en wenkbrauwen, rond voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, gewone mond en ronde kin. Hij heeft geen baard en heeft een rond aangezicht. Een gezonde kleur. Geen bijzondere tekenen.

De continue verandering in uiterlijke kenmerken geven aan, dat op basis van deze informatie iemand absoluut niet herkend kan worden..... 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
104 Arij is nu weer arbeider, maar nog steeds zonder vaste woonplaats.
Hij wordt op 28 november voor 1 dag ingesloten na een veroordeling op 28 september 1893 door de Arrondissementsrechtbank (ingeschreven en overgenomen van register C no 470).
Er staat, dat hij «u»«b»17 maal«/u»«/b» eerder in een RWI een straf heeft ondergaan. Dat is onjuist en moet 15 zijn. Vreemd, dat men dat niet beter heeft gecontroleerd. blijkbaar heeft men dat gewoon opgenomen van hetgeen Arij heeft gezegd. En die weet wel beter.

Hij is op 29 november, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen en overgedragen aan zijn 'geleider', die hem zal begeleiden naar «u»Veenhuizen«/u».

Zijn kenmerken zijn als volgt:
Hij is 1,70, heeft blond haar en wenkbrauwen, hoog voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, gewone mond en ronde kin. Hij heeft geen baard en heeft een smal aangezicht. Een gezonde kleur. Bij bijzondere tekenen wordt niets vermeld. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
105 Arij is nu weer tuinman (?), maar nog steeds zonder vaste woonplaats.
Hij wordt op 18 december voor 1 dag ingesloten na een veroordeling op 14 december 1891 door de Arrondissementsrechtbank (ingeschreven en overgenomen van register C no 7057).
Er staat, dat hij «b»12 maal«/b» eerder in een RWI een straf heeft ondergaan. Dat is onjuist en moet 14 zijn. Vreemd, dat men dat niet beter heeft gecontroleerd. blijkbaar heeft men dat gewoon opgenomen van hetgeen Arij heeft gezegd. En die weet wel beter.

Hij is op 19 december, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen en overgedragen aan zijn 'geleider' dhr. Veenendaal, die hem zal begeleiden naar «u»Veenhuizen«/u».

Zijn kenmerken zijn als volgt:
Hij is 1,70, heeft blond haar en wenkbrauwen, hoog voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, gewone mond en ronde kin. Hij heeft knevel en heeft een ovaal aangezicht. Een gezonde kleur. Bij bijzondere tekenen wordt nu vermeld, dat Arij kaalhoofdig is. Het zit hem ook niet mee.... 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
106 Arij is ongehuwd, protestant, 1m69, zonder laatste woonplaats en spreekt Nederduitsch.
Hij heeft een ovaal aangezicht, gezonde kleur, rond voorhoofd, gewone neus en mond, ronde kin, blauwe ogen en blond haar en wenkbrauwen. Geen baard of bijzondere tekenen.
Het bevel van gevangenhouding en verwijzing in Raadkamer te 's Hage is van 24 juni 1887.
Ingeschreven overgenomen van Register 1P no 306 dd 24 juni 1887 getekend, de directeur. Door een vonnis van de rechtbank te 's Hage veroordeeld tot vijf dagen hechtenis.
"den 1 juli 1887 overgebracht naar Register 1H no 274."
Zijn gedrag tijdens de hechtenis was 'goed'. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
107 Arij is op 11 februari 1878 opgepakt voor landloperij door de dienaar van Politie te Amsterdam, Hendrikus Joh. Mulder.

De rechter neemt in overweging, dat de gebrekkige lichaamstoestand van Arij oorzaak is van zijn armoede, maar ook dat hij al eerder (in 1868) voor bedelarij is veroordeeld.
Arij wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 14 dagen, de kosten van de rechtsgang en na zijn straf zal hij worden overgebracht naar een bedelaarsgesticht. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
108 Arij is op 14 juli 1890 voor dronkenschap veroordeeld tot een boete van fl. 1,- door het Kantongerecht te Delft. Hij was niet bij de rechtszaak aanwezig en is vervolgens verschenen in het Politieblad (opsporing verozcht!).
Indien de fl. 1,- niet werd betaald, diende een vervangende straf van 1 dag hechtenis.

Hij is pas 'in de kraag gevat' op 18 juli 1891 en mocht blijven tot 19 juli 1891.
Arij is nu arbeider, maar nog steeds zonder vaste woonplaats.
Arij meldt, dat hij geen eerdere straffen heeft ondergaan....
Wederom een beschrijving van zijn uiterlijk, die het midden houdt tussen de voorgaande. Wel wordt nu weer geconstateerd, dat Arij «u»'scheelziend' «/u»is. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
109 Arij is op 18 juni door het Kantongerecht van 's Hage 2 keer veroordeeld voor dronkenschap en kreeg daarbij 2 keer fl. 1,- boete met de mogelijkheid iedere boete te vervangen voor een dag hechtenis.
Arij verblijft van 5 tot 7 december in het huis van bewaring als vervangende straf voor deze 2 dronkenschappen.

Er is genoteerd, dat hij reeds 4 maal eerder vervangende hechtenis heeft ondergaan.

Het signalement wijkt weer wat af:
lengte, 1m70, bruin haar en wenkbrauwen, laag voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, gewone mond, ronde kin, knevel, ovaal aangezicht, gezonde kleur en geen bijzondere tekenen. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
110 Arij is opgepakt voor landloperij. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
111 Arij is zonder beroep of woonplaats. Hij wordt op 11 juni voor 5 dagen ingesloten na een veroordeling op 7 juni 1888. (ingeschreven en overgenomen van register C no 196 dd 11 juni).
Er staat, dat hij 2 maal eerder in een RWI een straf heeft ondergaan.
Hij is op 16 juni, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen.

Zijn kenmerken zijn hier wel anders.
Hij is nu 1,70, heeft blond haar en wenkbrauwen, laag voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, grote mond en spitse kin. Hij draagt een knevel en heeft een lang aangezicht. Een gezonde kleur. Bij bijzondere tekenen staat nu «u»'scheelziend'.«/u» 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
112 Arij is zonder beroep of woonplaats. Hij wordt op 17 juni voor 5 dagen ingesloten na een veroordeling op 13 juni 1889. (ingeschreven en overgenomen van register C no 843 dd 17 juni).
Er staat, dat hij «b»12 maal«/b» eerder in een RWI een straf heeft ondergaan. Dat is juist.
Hij is op 22 juni, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen en overgedragen aan zijn 'geleider' dhr. Veenendaal, die hem zal begeleiden naar «u»Veenhuizen«/u».

Zijn kenmerken zijn als volgt:
Hij is nu 1,69, heeft blond haar en wenkbrauwen, rond voorhoofd, grijze (?) ogen, brede neus, gewone mond en ronde kin. Hij draagt een knevel en heeft een ovaal aangezicht. Een gezonde kleur. Geen bijzondere tekenen.

De continue verandering in uiterlijke kenmerken geven aan, dat op basis van deze informatie iemand absoluut niet herkend kan worden..... 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
113 Arij is zonder beroep of woonplaats. Hij wordt op 25 juni voor 5 dagen ingesloten na een veroordeling op 21 juni 1888. (ingeschreven en overgenomen van register C no 230 dd 25 juni).
Er staat, dat hij 2 maal eerder in een RWI een straf heeft ondergaan. Dat is wat magertjes....
Hij is op 30 juni, krachtens vonnis, uit de gevangenis ontslagen en overgedragen aan zijn 'geleider' M. de Lange, die hem zal begeleiden naar Veenhuizen.

Zijn kenmerken zijn hier wel anders.
Hij is nu 1,70, heeft blond haar en wenkbrauwen, laag voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, grote mond en spitse kin. Hij draagt een knevel en heeft een lang aangezicht. Een gezonde kleur. Bij bijzondere tekenen staat ook nu «u»'scheelziende'.«/u» 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
114 Arij komt gezamenlijk met Metje, Albert, Bouke en Hendrik Jan aan in Leiden. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
115 Arij komt in Leiden aan (vlgs Bev.reg) samen met Hendrik Jan van der Heide op 4 mei. Op 11 mei voegen Metje en Albert zich daarbij. Bouke komt pas 30 maart samen met Alberta Scholte (14 aug. 1836), wed van J. Berkman).
Deze notitie is dubieus. Logischer is, dat Metje met aanhang (zeker met haar twee kinderen) gezamenlijk zijn aangekomen in Leiden. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
116 Arij stuurt op 23 december 1880 een brief aan de minister via de directeur van de RWI met het verzoek tot tussentijds ontslag.
Arij ondersteunt zijn verzoek als volgt:
"dat adrerssant van af zijne jongelings jaren, bij boerenarbeid opgebracht zelfs de zwaarste werkzaamheden daaraan verbonden door zijn sterk gestel onvermoeid kunnende verrichten in het aanstaand voorjaar overal daarmede zijn brood weder verdienen kan, hetzij als vaste knecht of arbeider en dus gaarne van Uwe Excellentie de gunst zoude erlangen tussentijds te worden ontslagen.
Dat hij tot aanbeveling van deze zijne sollicitatie Uwe Excellentie kan mededeelen van kleeding voorzien te zijn, alsmede van een zeer voldoende uitgaanskas, overeenkomstig de ten dien aanzien fungerende bepalingen,
dat adressant ook noch bescheiden vermeend te mogen aanvoeren, als een blijk van de waarheid zijner opgave omtrent zijne geschiktheid voor alle boeren en landbouwverrichtingen hier tot tevredenheid zijner superieuren de functie van stalknecht bij een der hoevenaren waar te nemen,
dat hij ten verledenen jare door de langdurige strenge winter buiten werk geraakt, toch noch bijkans een jaar buiten de gestichten is gebleven.
dat ook zijn gedrag noch hier, noch elders voor zoo veel hem bewust, beletselen tegen de inwilliging van zijn verzoek zoude in den werg stellen."

Arij bezit op dat moment een bedrag van bijna 26 gulden, hetgeen ruim voldoende is.

Er volgt dan ook een positief advies van de directie en vervolgens van de directeur van het gesticht aan de minister per 31 december 1880.

De minister machtigt op 6 januari 1881 de directeur van de RWI om Arij te ontslaan. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
117 Arij stuurt via de directeur van de RWI een brief naar de minister.

In de brief van 27 mei 1880 stelt Arij, dat hij vanaf zijn jeugd op het boerenland is opgebracht en van een gezond en sterk gestel alle zware arbeid heeft kunnen verrichten. En ook tijdens het zomerseizoen zeer best zijn brood kan verdienen met het gras maaien, hooien, bij de graanoogst en al het andere dat tot de landbouw behoort.
Na die drukte is hij verzekerd om als vaste knecht, als dagloner, een dienst te verkrijgen. Daarom wil hij graag tussentijds worden ontslagen.
Ter overweging geeft hij mee, dat hij al 11 maanden uit het gesticht is gebleven en dat hij niet zou zijn teruggekomen, als de slechte stand van de landbouw door de veelvuldige regens van vorig jaar en de spoedig ingevallen strenge winter geen gebrek aan verdiensten had veroorzaakt.
En zelfs met al die ellende heeft hij het volgehouden tot februari, dus in het midden van het barre jaargetijde. Hij heeft er alles aan gedaan.
Daarnaast beschikt Arij over zeer goede burgerkleding en voldoende reisgeld, ruim f. 18,-. Ook zijn er geen aanmerkingen op zijn gedrag noch hier, noch in de maatschappij.

Arij gaat daarbij eenvoudig voorbij aan de onderstand, die hij regelmatig ontvangt van een andere Minister, namelijk die van Koloniën en wel in verband met zijn lichamelijke gezondheid. De eerdere genoemde hartziekte, waardoor hij niet in staat zou zijn met zijn handen in zijn onderhoud te voorzien.

In de toelichting van Arij aan de directeur van de RWI stelt hij zich naar Delft te willen begeven om daar als boerenknecht aan het werk te gaan.

De directeur van de RWI laat zich voorlichten door zijn directie. Zij zijn van mening, dat Arij welliswaar in zijn eigen onderhoud zou moeten kunnen voorzien, maar toch adviseren zij negatief, omdat hij slechts 11 maanden buiten het gesticht is geweest én al in april 1880 een verzoek is afgewezen.

De directeur adviseert de Minister negatief, omdat er geen bewijs van werkverschaffing is overlegd.

De Minster wijst af op 15 juni.

Ook hier weer binnen drie weken antwoord van de Minister op het verzoek van een verpleegde. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
118 Arij treedt aan in Den Haag onder registratienr 30476. Zijn signalement is nog gelijk aan dat van 1858, maar hij is wel 10 centimeter gegroeid! (?) Of er is destijds verkeerd gemeten. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
119 Arij trekt volgens het inwonend dienstpersoneel register in bij huis Wallis. Kornelis Wallis was tapper in de Bruggestraat wijk 2 huis 65, later wijk A huis 106. Was hij in de kost of aannemelijker heeft hij even als ober gewerkt. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
120 Arij verhuisde met moeder, oma en tantes Johanna en Jacomijna naar Oude-Tonge en gingen daar op de Molendijk A157 wonen. Volgens het bevolkingsregister vertrokken zij vanuit huis 150. Blijkbaar zijn ze dus nog een keer verhuisd binnen Den Bommel. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
121 Arij verzoekt vervroegde vrijlating met een minute.

Het Ministerie antwoordt op 27 maart 1885 met nr 88 van de 4e afdeling. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
122 Arij verzoekt vervroegde vrijlating.

Advies:
«i»Bij beschikking van 8 febr 1877 nr 125 bij Afd. xxx 12 d.a.v. tussentijds ontslagen is hij na ruim een jaar opnieuw opgenomen geworden. Mogt het ieders vertrouwen verdienen zoo komt het mij voor er wel termen bestaan het verzoek in te willigen.
«/i»
Dit verzoek wordt ingediend bij het Ministerie (van Justitie) met aanvraagnr 84 dd 30 maart 1878.
Het Ministerie verleent toestemming. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
123 Arij verzoekt vervroegde vrijlating.

Het ministerie antwoordt op 28 jan 1884 met no 195 van de 4e afdeling. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
124 Arij verzoekt vrijlating met inkomend nr 80/61 en stuk nr 309

Het advies luidt:
«i»"Daar hij sedert zijn vorig tussentijds ontslag 11 maanden buiten de gestichten is geweest, wordt in overweging gegeven, wanneer bij xxxx zal blijken de bijlage vertrouwen verdient, voor ditmaal nog het verzoek in te willigen."

«/i»Op 3 april 1880 werd er een afwijzende beschikking ontvangen met nr 169. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
125 Arij vraagt met nr 491 om vervroegde vrijlating.

«i»Het advies luidde:
"zonder overlegging van een bewijs van werkverschaffing kan zijn verzoek niet worden ondersteund."
«/i»
Er komt op 15 juni 1880 een afwijzende beschikking van het Ministerie met nr 94/4. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
126 Arij was bouwman ten tijde van het huwelijk van Jan Boudewijn in 1844 en woonde samen met zijn vrouw Wilhelmijna in Steenbergen. van Nieuwenhuyzen, Arij (I456)
 
127 Arij werd op 25 maart 1892 overgeplaatst naar de RWI in Hoorn.
Dit was zijn 15e opname.

Signalement:
1,70m, blond haar en wenkbrauwen, hoog voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, gewone mond, ronde kin, knevel, ovaal aangezicht, gezonde kleur en kaalhoofdig. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
128 Arij werd op 29 juli 1894 naar Hoorn overgebracht.
Dit was zijn 16e opname. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
129 Arij werd op gepakt voor bedelarij en op last van de commissaris van politie voorlopig aangehouden.

Zijn signalement:
hij was 1,70m lang, had blond haar en wenkbrauwen, een hoog voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, grote mond, spitse kin, een knevel, een lang aangezicht en een gezonde kleur. Hij sprak Hollands en was 'scheelziende'. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
130 Arij werd op last van de Officier van Justitie van Utrecht dd 21 sept 1876 opgebracht in het Huis van Bewaring in Zwolle dd 22 sept 1876 voor transport naar Ommerschans dd 23 sept 1876. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
131 Arij werd opgepakt voor bedelarij en op last van de commissaris van politie voorlopig aangehouden.

Zijn signalement:
Hij was 1,70m, had blond haar en wenkbrauwen, een laag voorhoofd, blauwe ogen, spitse neus, grote mond, spitse kin, een knevel, een lang aangezicht en een gezonde kleur. Hij sprak Hollands en bij bijzondere tekenen wordt vermeld, dat hij scheelziende was. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
132 Arij werd opgepakt voor landloperij en voorlopig aangehouden. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
133 Arij werd overgebracht van de voorlopige aanhouding in het Huis van Arrest naar de definitieve locatie om de straf van 3 mndn uit te zitten, nl de strafgevangenis. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
134 Arij werd overgeplaatst naar Hoorn om de rest van zijn straf uit te zitten.
Dit was zijn 17e opname.

Er wordt bij de bijzonderheden nog vermeld, dat er een verzoek tot gratie is afgewezen door de Off. van Justitie te 's Bosch op 9 maart 1898 nr 12777.
En dan nog "marg. 11 maart 1898 no 377"

Signalement:
Lengte 1,68, blond haar en wenkbrauwen, laag voorhoofd, blauwe ogen, dikke neus, gewone mond, ronde kin, snor, ovaal aangezicht, gezonde kleur, Nederlandse taal. Bij bijzondere tekenen wordt opgemerkt, dat Arij kaalhoofdig is en met het rechteroog scheelziet. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
135 Arij werd overgeplaatst naar Hoorn.

Signalement:
1,70m, blond haar en wenkbrauwen, hoog voorhoofd, blauwe ogen, gewone neus en mond, blonde knevel, ovaal aangezicht, kaalhoofdig.

Bij de bijzonderheden staat vermeld: "oom Jacob v. d. Tonnekreek te Oude Tonge"
Oom Jacob is 16 juni 1892 overleden. Heeft dat bericht nu pas Arij bereikt? Twee jaar later? 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
136 Arij werd overgeschreven in het Huis van Bewaring voor het uitzitten van zijn straf van 2 dagen. Daarna werd hij overgebracht naar Veenhuizen. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
137 Arij werd uit Den Haag getransporteerd naar Veenhuizen. Om - tot op heden - onverklaarbare reden is hij op 10 december overgeplaatst naar Hoorn. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
138 Arij werd vanuit de gevangenis in Den Haag getransporteerd naar Veenhuizen. Na 3 weken wordt hij overgebracht naar Hoorn. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
139 Arij werd vanuit Den Haag getransporteerd naar Ommerschans en na drie weken overgebracht naar Hoorn. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
140 Arij werd voor het uitzitten van de straf van 2 dagen opnieuw ingeschreven, maar bleef in hetzelfde Huis van Bewaring.
Na 2 dagen werd hij overgebracht naar Veenhuizen voor de periode van 3 jaar... 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
141 Arij werd voorlopig aangehouden voor landloperij in het Huis van Bewaring. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
142 Arij woonde eerst weer bij Johannes Korff de Gidts aan het Lamgroen, maar verhuisde snel naar het logement van Dirk van Leeuwen aan de Ammunitiehaven 125. Zal wel - nog - goedkoper zijn geweest. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
143 Arij wordt - samen met zijn 'partner in crime', Lijflander - overgebracht naar de gevangenis van Arnhem.
Daar is niets bewaard gebleven, maar in de klapper van de arrondissementsrechtbank van Zutphen wordt nog vermeld, dat de straf van Arij wordt vernietigd door het Hof van Gelderland en dat hij een nieuwe straf krijgt opgelegd van een jaar gevolgd door opzending. De uitspraak van het Hof zou op 18 febr. 1873 zijn geweest. Ook van dat archief is niets bewaard gebleven tgv de brand en inslagen tijdens WOII.

Ongetwijfeld is dit te herleiden aan Arij's opmerking, dat ook hij al eerder veroordeeld is geweest voor bedelarij, net als Lijflander.
De procureur generaal van Arnhem heeft aan zijn collega's in Amsterdam om een extract van dat vonnis gevraagd en heeft blijkbaar geconstateerd, dat er sprake was van herhaling en kon een hogere straf worden opgelegd dan een half jaar, namelijk een jaar. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
144 Arij wordt geboren in huis 157, maar woont - volgens het bevolkingsregister - met zijn moeder en haar moeder en broer en zussen in huis 167.
Zij wonen daar nog steeds bij de volgende bevolkingstelling in de periode 1850-1860. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
145 Arij wordt ingedeeld als milicien met nr 47135 voor de tijd van 2 jaar. Hij was loteling van de lichting van 1858 uit de provincie Zuid Holland, gemeente Stad aan 't Haringvliet. O.a. onder nr 31.
Hij komt in vervanging van Cornelis Hoop bij het 4e Regiment Infanterie, overleden (zie nr 42262 op het Stamboek van dat Korps).

Op 1 april 1859 wordt hij inactief en op 15 mei 1861 krijgt hij het paspoort wegens werkelijk volbrachte dienst bij personele optreding ingevolge autorisatie van het D.v.O. dd 13 febr 1860 nr 47B, zijnde daarbij aan hem een certificaat van goed gedrag uitgereikt.

Signalement:
Lengte 1,63m, ovaal aangezicht, rond voorhoofd, blauwe ogen, grote neus, gewone mond, spitse kin, lichtblond haar en wenkbrauwen en geen merkbare tekenen. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
146 Arij wordt na de uitspraak van de rechtbank overgebracht van het Huis van Arrest naar de strafgevangenis van Zutphen met de bedoeling om aldaar de straf van 6 maanden uit te zitten. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
147 Arij wordt na het uitzitten van de straf, die hem is opgelegd door de Arr. Rechtbank in Breda, overgebracht naar het Huis van Bewaring om nog de straf uit te zitten, die hem is opgelegd door de rechtbank in Dordrecht op 24 december 1878. De straf bedroeg fl. 1,- of subsidiair een dag hechtenis. Het is dus dat laatste geworden....

Daarna wordt hij overgebracht naar Ommerschans. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
148 Arij wordt op 30 dec 1881 ingebracht in het Huis van Bewaring van Zwolle op bevel van de Officier van Justitie van Amsterdam dd 29 dec. 1881 ter geleide naar Ommerschans. Hij vertrekt na één nachtje op 31 dec. 1881 naar Ommerschans. van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
149 Arij wordt op 5 januari 1897 zwervend aangetroffen in Den Bosch zonder middelen van bestaan door een brigadier van de Marechaussee.

De Officier van Justitie eist 2 dagen hechtenis en 3 jaar in een Rijkswerkinrichting.

De rechter is 'mild' en veroordeelt Arij tot 2 dagen hechtenis en 2 jaar en 3 maanden in een RWI. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 
150 Arij wordt op 5 juli 1899 in Den Bosch zwervend aangetroffen zonder middelen van bestaan door Joosse, wachtmeester van de marechausse.

De officier van Justitie eist 2 dagen en 3 jaar opzending naar een Rijkswerkinrichting.

De rechter kent de eis toe. 
van de Tonnekreek, Arij (I63)
 

      «Vorige 1 2 3 4 5 6 7 ... 22» Volgende»